Hoe werkt de nieuwe website?

Info over de nieuwe website: www.koinoniabijbelstudie.org De Bijbel is Gods Woord, en daarom nuttig om te onderwijzen, te weerleggen, te vermanen, en op te voeden in de gerechtigheid. (2 Tim. 3:16) Daarom is het voor ons dagelijks leven zo nodig om de Bijbel te lezen en zijn diepe betekenis te doorgronden. Omdat het Woord van God de maatstaf is van de waarheid, moeten we elke gedachte en stroming en beweging in de kerk en daarbuiten meten en toetsen aan het Woord. (2 Kor. 10:5) Dat is mijn missie. En dit is mijn werkplaats voor dat alles. Tot eer van Christus LEES HIER VERDER…

Johannes (101) – Epiloog (2) Het gesprek met Petrus

Joh. 21:15-25 We komen nu aan het tweede deel van de epiloog. En daarmee aan het eind van dit evangelie. In deze verzen gaat het om de opdracht aan Petrus. Hij moest leiding geven aan de apostelen en zijn stem was dan ook de belangrijkste in de eerste dagen van de kerk. Daarom lezen we zoveel over hem in het boek Handelingen, in de hoofdstukken 2 tot en met 12. Pas wanneer het evangelie niet langer in de eerste plaats aan Israël wordt aangeboden, maar nu vooral aan de niet-joodse volkeren wordt gebracht, treedt Petrus meer op de achtergrond en LEES HIER VERDER…

Johannes (100) – Epiloog (1): de verschijning aan het meer van Tiberias

Joh. 21:1-14 Met de beschrijving van de verschijning van Jezus aan Thomas, lijkt het einde van het evangelie bereikt te zijn. Vooral vers 30 en 31 wekken sterk die indruk. Maar Johannes eindigt met een soort epiloog waarin hij nog een laatste gesprek van Jezus met de discipelen weergeeft. Het lijkt bedoeld te zijn om een aantal vragen die bij de lezer kan opkomen, alsnog te beantwoorden. En het maakt een overgang naar de gebeurtenissen die in het boek Handelingen worden beschreven.    Send article as PDF   

Johannes (99) – De belijdenis van Thomas

Joh. 20:24-31 Thomas was er niet bij. Omdat hij zich had onttrokken aan de gemeenschap van de discipelen, was hij niet aanwezig toen Jezus aan hen verscheen. In de verte is dat misschien een illustratie van het beginsel, dat Jezus aanwezig wil zijn in de gemeenschap van de discipelen – waar twee of drie vergaderd zijn, daar ben Ik in hun midden. Wie zich onttrekt aan de gemeenschap van discipelen – de gemeente – mist dus ook de aanwezigheid van Jezus. Toch wordt nadrukkelijk vermeld dat hij een van de 12 was. Ondanks zijn afwezigheid blijft hij deel uitmaken van LEES HIER VERDER…

Johannes (98) – De verschijning van Jezus aan de elf apostelen

Joh. 20:19-23 Op de ochtend van deze eerste nieuwe dag, is Jezus verschenen aan Maria Magdalena. Op de avond van deze dag, is Jezus verschenen aan de elf discipelen. Met die beide momenten is voor Johannes het wezenlijke van deze dag beschreven. Opstanding en verschijning horen bijeen. En wat Johannes hier overslaat is precies datgene wat er in zijn evangelie eigenlijk niet toe doet. Het zal immers voor de discipelen een dag van verwarrende gesprekken, van twijfel en zorg, en boven alles van angst zijn geweest. Maar ook de ontmoeting van Jezus met de Emmaüsgangers, die overdag heeft plaatsgevonden, laat LEES HIER VERDER…

Johannes (97) – Jezus’ verschijning aan Maria Magdalena

Joh. 20:11-18 Het belangrijkste en meest overtuigende bewijs van de opstanding van Jezus, zijn Zijn verschijningen. In de bijbel worden er meerdere vermeld, zelfs 10 om precies te zijn. De eerste daarvan vinden we hier in ons evangelie. Het is Zijn verschijning aan Maria Magdalena. Johannes koos deze verschijning ongetwijfeld uit, omdat de andere evangeliën er geen melding van gemaakt hebben. De tweede verschijning die Johannes vermeldt, is die van de 10 overgebleven apostelen zonder Thomas (Joh. 20:19 – 25), ook vermeld bij Lukas (Luk. 24:13 – 32). En dan nog eens een verschijning aan de 11 apostelen, Thomas inbegrepen, LEES HIER VERDER…